Ondank
Zij, de zilverspiegel van het wispelturig licht
Voor de vlucht van vogels
De kruinen en het gerimpeld ik
Zij draagt luchtschepen
Op haar schouders
En een kraag van riet en lisdodde
Verdraagt de sluizen en de dijken
De bomen die haar escorteren
De bruggen die haar dwarsen
De fietsen op de bodem
De vrijers langs haar boorden
De drab, de bagger, het slib en slik
De reuma en de vochtigheid
Zij draineert dit waterzuchtig
En buikziek land
Ondanks