scene
Prozastukken
Lodewijk van Deyssel · Muiderpoort
‘Hij zag in eens het onderste van de Poort en keek op. Het steenen stond hard vlak bij hem op. Nu bleef hij even heel rustig stilstaan, aarzelend welken weg. Wat had hij vreeselijk ver geloopen, en toch was het of het niet had geduurd.’