Deze poëtische novelle bevat twee verhalen over waan(zin), over de weg kwijtraken en weer terugvinden. In het eerste verhaal heeft Waldemar, een op non-actief gestelde rechtspsycholoog, meditatieve therapie nodig om de waarheid te achterhalen via diep duiken in zijn onderbewuste. In het tweede verhaal verkeert Claire in een euforische, manische staat die in eerste instantie prachtig lijkt, maar waaruit zij maar net op tijd kan ontsnappen.